De nieuwe wet in verband met de rechten van de vrijwilligers is van kracht sinds 01.08.2006. De artikels inzake aansprakelijkheid en verzekering sinds 01.01.2007.
Definitie van het vrijwilligerswerk
De vrijwilliger is een natuurlijke persoon die, op onbaatzuchtige wijze, onbezoldigd en in een georganiseerd of gereglementeerd verband, zijn activiteiten uitvoert. Hij/zij doet dat in opdracht van een club, federatie, vereniging, instelling zonder winstoogmerk of overheidsdienst, ongeacht of de opdrachtgever al dan niet rechtspersoonlijkheid bezit.
Het gelegenheidswerk moet worden verricht in het kader van sociale, culturele of sportieve activiteiten van de club, federatie, vereniging, instelling of overheid. Bedoeld zijn inzonderheid de opvang of de begeleiding van zieken, bejaarden, kinderen, jongeren en sociaal zwakkeren (zoals de thuiszorg voor zorgbehoevende personen of mantelzorg), de bescherming van het leefmilieu, de organisatie van sportwedstrijden en van sociale en culturele evenementen.
Informatieplicht
Vóór de activiteiten van een vrijwilliger aanvangen, moet hij minstens volgende informatie ontvangen:
De vorm waarin die informatie wordt aangeboden, kan men vrij kiezen. Men mag aan de vrijwilliger ook vragen om de informatienota te ondertekenen voor ontvangst, maar dat is niet verplicht. Als het erop aan komt is het aan de organisatie om te bewijzen dat ze de informatieplicht naar behoren heeft nageleefd.
De volgende feitelijke verenigingen vallen niet onder de zoals bepaald door de wet én zijn dus ook niet gehouden tot de verzekeringsplicht:
- zij die niet verbonden zijn aan een organisatie met rechtspersoonlijkheid
- zij die niet verbonden zijn aan een feitelijke vereniging met personeelsleden
- zij die niet beschouwd kunnen worden als een afdeling van een andere organisatie.
Deze verenigingen 'moeten' vermelden dat de vrijwilligers onder het 'gemeen recht' vallen en dus burgerrechterlijk aansprakelijk 'kunnen' gesteld worden.
Aansprakelijkheid
De vereniging is burgerrechtelijk aansprakelijk voor de schade die vrijwilligers veroorzaken t.o.v. derden, zowel tijdens de uitvoering van de activiteit, als onderweg van en naar de plaats van de activiteit. Vrijwilligers die tijdens hun vrijwilligerswerk een fout maken die schade veroorzaakt aan derden of aan de organisatie, zullen die schade niet moeten vergoeden, behalve als er sprake is van een grove fout, een herhaaldelijke lichte fout of indien hij bedrog pleegde.
Feitelijke verenigingen die niet tot een koepel met rechtspersoonlijkheid behoren of geen personeel in dienst hebben, vallen onder het regime van het ‘gemeen recht'. Dat betekent dat ieder lid persoonlijk aansprakelijk kan gesteld worden. De vrijwilliger van dergelijke vereniging, die tijdens het verrichten van het vrijwilligerswerk schade veroorzaakt aan derden, zal zich uit de slag moeten trekken via zijn familiale verzekering (als hij er een heeft).
Arbeidsrecht (artikel 9)
De wet legt een regeling op voor uitkeringsgerechtigde vrijwilligers.
Kostenvergoeding (artikel 10)
Vrijwilligers kunnen nooit voor hun prestaties betaald worden, want voor betaalde arbeid moet je alle verplichtingen inzake arbeidswetgeving, sociale zekerheid, patronale bijdragen, arbeidsongevallenverzekeringen enz. nakomen.
Maar het staat de vereniging vrij om de kosten die vrijwilligers maken te vergoeden. In dat geval moet de vereniging een vrijwilligersregister bijhouden met de betaalde vergoedingen en de vergoedingen in de boekhouding registreren als werkingskosten.
Op de vergoedingen moeten geen belastingen of sociale bijdragen op betaald worden.
Occasionele vergoedingen in natura zijn toegelaten.
De forfaitaire kostenvergoedingen die een vrijwilliger ontvangt zijn niet belastbaar indien ze volgende bedragen niet overschrijden (geïndexeerde bedragen 2009):
€ 30,22 maximum/dag
€ 1208,72 maximum/jaar (1.161,82 op 01/01/08)
De vereniging heeft hiervoor geen bewijsstukken nodig, een bankverrichting of ontvangstbewijs volstaan.
Variabele of reële kostenvergoedingen zijn onbegrensd, maar buitensporige bedragen worden niet aanvaard. De vereniging moet hiervan bewijsstukken bijhouden.
Meer info hierover kan je lezen in de Ministeriële Omzendbrief van financiën